Labrador Retriever

Over Hiske

Lab Weetjes

Fun

 

Hiske Anna Giraud fan't Suydevelt

We hebben lang na moeten denken over de naam.

 Hiske vonden wij wel een mooie naam.

Anna Giraud was de levenspartner van de componist Vivaldi.

En vanzelfsprekend de kennelnaam  fan't Suydevelt.

Flanders Pride Vivaldi is de vader van Hiske

Claire fan't Suydevelt is de moeder van Hiske

 

Onze labrador Hiske is wel de grootste trots die we hebben.

Hiske is alweer 7 jaar oud,

Ze is geboren in het plaatsje Exloërveen.

Daar heeft de Familie Hoeksema een kennel.

Meer informatie over de kennel fan't Suydevelt

is te vinden op hun website.

Kijk bij de weblinks voor de website !!!

Dit is onze Hiske

Kijk voor meer foto's en bezigheden van Hiske bij  hobby's

Of voor een stamboom overzicht, hier

Hiske gaat graag meewandelen.

Om eens een andere wandeling te maken, gaan we ook wel met de auto het bos opzoeken ...

Deze foto's links en rechts, zijn genomen tijdens zo'n wandeling.

Hiske heeft ook twee vriendinnen

waar ze vaak mee gaat wandelen

of mee gaat spelen.

dit is Sarah.

Femke en Sarah

zijn de vriendinnen van Hiske.

Femke is 14 jaar oud en Sarah wordt

dit jaar 7  jaar oud.

 

 

En dit is dan Femke.

 

 

Verder is Hiske wild op water.

 Daarom heeft Hiske een eigen bad,

waar zo ongeveer 150 liter water in kan ...

Het is een genot om te zien hoe ze er in om spettert.

Hier hebben we natuurlijk een aantal filmpjes van gemaakt

 Iedereen kan dus mee genieten van dit feest.

 

Ook kan Hiske het heel goed vinden met de 

kat Jeske van Marrit en Arnold.

Jeske is een cypers poesje.

 

 Elke keer als ze bij elkaar op visite

komen is het spannend, maar na een tijdje

wennen ze weer aan elkaar en

gaat het prima.

 

 

Hier liggen ze gezellig samen

voor de warme kachel....

 

Is het niet een geweldig stel zo?

 
 
 

 
 

Hiske puppy

Hiske is geboren in Exloërveen  bij de Familie Hoeksema, op 10 maart 2002.

Hier ligt Hiske lekker uit te rusten in de zon.

Op 09 mei 2002 is ze bij ons komen wonen. Hiske was toen al voorzien van een chip en ze heeft ook een stamboom. We hebben Hiske in de auto opgehaald, in een boodschappenkratje. Ze heeft geen last gehad van de lange reis naar Grou. Hiske vond het eigenlijk best wel interessant, want ze kon door het achterraam naar buiten kijken en ze probeerde steeds op de hoedenplank te klimmen.

 

Hiske onderzoekt de achtertuin.

 

Even poseren voor de Camera.

Wat is ze lief hé op deze foto's ..

Maar het was wel even wennen hoor, zo'n Hiske puppy.

Eerst vroeg in de morgen er uit, want dan was ze aan het huilen. Hiske vond het niet echt geslaagd in de bench, maar na een aantal weken waren we er achter dat ze liever alleen in de keuken sliep. Dan sliep ze tenminste door en ze was sindsdien ook zindelijk. Ook als wij weg gingen mocht ze in de keuken, want ze moest er toch aan wennen, dat ze zo nu en dan eens alleen op het huis moet passen. Dit ging allemaal prima. Als we van huis gingen of terug kwamen luisterden we stiekem of we Hiske ook hoorden huilen of blaffen. Ook dit ging van een leien dakje. Wat dit betreft hebben we weinig problemen gehad.

Hiske had, toen we haar mochten ophalen bij kennel fan't Suydevelt, nog steeds puppy haar. Dit heeft ze heel lang gehad. Pas rondom haar tweede jaar was ze haar puppy haar echt kwijt. Inmiddels heeft ze een lekkere zachte vacht die vol zit met slagen.

Hiske was als pup al erg slim. Zo kon ze met een beetje oefenen al binnen een paar weken zitten, liggen en blijf op commando. We hebben dit zelfs geoefend met gebaren.  Dit kan erg makkelijk zijn, vooral als we op afstand iets duidelijk willen maken aan Hiske.

Zo kunnen jullie mij lekker niet vinden!

KIEKEBOE!!!

 

Toen Hiske tandjes begon te wisselen, is ze wel aardig aan het slopen geweest. Als we dan niet thuis waren moest van alles er aan geloven, zo hebben de kozijnen bij ons in de keuken er behoorlijk van langs gekregen. Er moest  al redelijk snel wat plamuur verwerkt worden. Hiske heeft het zelfs een keer gepresteerd om tijdens onze afwezigheid het complete vinyl uit de keuken te trekken, dit lag na thuiskomst in stukken verdeeld door de keuken.

 

Deze bloemetjes lijken mij ook wel lekker!

 

Eerst weer even uitrusten, hoor!!!

 

 
 

 

 

Dingen die een Labrador moet onthouden

Als je als labrador een beetje opgevoed wilt lijken, moet je wel de regels kennen. Voor alle labradors die het nog niet weten, hierbij de gouden tips...

1.

De vuilnismannen stelen geen spullen van ons.

2.

Niet plotseling opstaan als je onder de koffietafel ligt.

3.

Je natte vacht uitschudden, voordat je het huis binnengaat.

4.

Geen lik geven over een beker waar gloeiend hete thee inzit.

5.

Niet het eten van de katten opeten. Niet voordat ze de kans hebben gehad het op te eten, niet nadat ze de kans hebben gehad om het op te eten en zeker niet als ze het uitgekotst hebben.

6.

Niet op tandenborstels kauwen.

7.

Niet overgeven in de auto.

8.

Niet in dooie beesten rollen, alleen maar omdat het luchtje zo lekker is.

9.

Die knapperige dingen in de kattenbak zijn geen eten.

10.

Geen zakdoekjes of luiers eten.

11.

De vuilnisbak is geen koekjesblik.

12.

Niet het laatste stukje schone vloerbedekking opzoeken, wanneer je moet overgeven.

13.

Niet op pennen kauwen. Zeker niet op de rode, anders denken ze dat je bloedt.

14.

In de auto moet het raam dicht als het regent.

15.

Als je een deurbel hoort: niet blaffen. Het is op de TV.

16.

Geen ondergoed jatten en er mee door de achtertuin rennen.

17.

De bank is geen washandje. De broek van de baas en het vrouwtje ook niet.

18.

Je hoofd hoort niet in de ijskast.

Niet in de hand van een agent bijten, als hij het rijbewijs en kenteken aanpakt.

20.

Geen touwtrekspelletje doen met het ondergoed van de baas, als hij op de WC zit.

21.

Geen tandfloss opeten, je wilt niet weten hoe moeilijk dat er weer uitgaat.

22.

Niet in de bagger rollen als je net gewassen bent.

23.

Je neus in iemands kruis duwen is geen acceptabele welkomstgroet.

24.

De kat is geen pieppoppetje. Als je met hem speelt en hij piept, is dat geen goed teken.

25.

Niet midden in de huiskamer aan je kruis likken als er visite is.

 

Tips voor het fotograferen van uw pup        

1 Neem het fotorolletje uit het doosje en doe het in uw camera

   (het rolletje natuurlijk).

2 Haal het doosje uit de bek van uw puppy en gooi het doosje in de vuilnisbak.

3 Haal uw puppy uit de vuilnisbak en haal de afvalresten ui zijn snuit.

  

Uw pup is immers veel mooier zonder.

4 Zoek een passende achtergrond  voor de foto. (supertip: zorg voor een achtergrond zonder katten).

5 Monteer uw camera en maak hem gereed voor de eerste opname.

6 Zoek uw pup en haal de vieze sok uit zijn bek.

7 Zet uw puppy op de plaats die u in gedachten had en neem enige afstand voor de foto.

8 Zet uw pup terug op deze plaats en geef hem de commando's ZIT en BLIJF

   (met enige nadruk uitspreken).

9 Vergeet die mooie achtergrond en kruip met de camera in de aanslag op uw knieën uw pup achterna.

10 Stel uw camera met de ene hand in en lok uw puppy met in de andere hand iets lekkers.

11 Haal een zachte doek en veeg de neusafdrukken zorgvuldig van de lens van de camera.

12 Haal het flitsblokje uit de bek van uw pup en gooi het weg (het flitsblokje).

13 Zet de kat tijdelijk buiten en behandel de krabben op de neus van uw puppy

     met een beetje gel.

14 Leg de asbak en de tijdschriften terug op de salontafel.

15 Probeer de aandacht van uw pup te krijgen door een piepbeestje boven uw hoofd te houden.

16 Zet uw bril weer goed en fatsoeneer uw haar.

17 Spring tijdig overeind, neem uw puppy op en zeg: foei, dat moet je buiten doen!

18 Roep uw partner om bij het opruimen van het ongelukje te helpen.

19 Neem een dubbele whisky met ijs.

20 Ga in een gemakkelijke leunstoel zitten en neem u voor om morgenochtend

    ZIT

en BLIJF te gaan oefenen.

SUCCES!

Herkomst van de Labrador Retriever

De Labrador Retriever komt van oorsprong uit de Canadese streken Labrador en Newfoundland. Een beschrijving van deze honden, die in 1822 aanwezig waren in deze streken, is terug te vinden in de door de reiziger W.E. Cormach geschreven stukken, die de honden die hij hier zag lopen "kleine waterhonden" noemde.
In die periode kwam het handelsverkeer op tussen Engeland en de Canadese streken. Hierdoor kwamen de eerste honden uit St. John (Newfoundland) naar de havenplaatsen in het Engelse graafschap. Er werden verschillende benamingen gebruikt voor deze honden, te weten "Newfoundlander, Lesser Newfoundlander en St. Johnshond".

Kaart van de streek Labrador en ST John

Klik op het plaatje voor een vergroting

herkomst Labrador

 

Wanneer de naam Labrador precies werd gebruikt in plaats van St. Johnshond is niet precies bekend, maar het moet in het begin van de negentiende eeuw zijn geweest want in 1839 nam de hertog van Buccleuch zijn Labrador "Moss" en Lord Home zijn hond "Drake" mee op hun jacht. Zij noemden toen hun honden al Labradors.

 Het verhaal gaat dat de tweede Graaf van Malmesbury (1778-1841) een "Labrador" op een vissersboot zag en meteen regelde dat handelaren er een aantal voor hem meebrachten vanuit Newfoundland. De Hertog was zo onder de indruk van deze honden en hun apporteertalent dat hij besloot zijn fokkerij zich geheel te wijden aan de ontwikkeling en instandhouding van dit ras.

 

Zijn opvolger, de derde Graaf van Malmesbury (1807-1889) zette dit voort. Helaas werden al snel anderen zich bewust van dit ras, die weinig aandacht gaven aan het zuiver houden van het ras. Echter bleef de Malmesbury-lijn gedurende vele jaren raszuiver.
Vol overgave probeerden de adellijke families het ras te verbeteren. In die tijd werden er veel kruisingen gemaakt met naar alle waarschijnlijkheid de Pointer, Setter, Harrier en ook met "het apporteertalent van die tijd" de Flatcoat Retriever. De hertog van Buccleuch, de graaf van Malmesbury en Sir Richard Graham hadden intussen gerenommeerde kennels opgebouwd. Zij maakten in die periode voor het eerst nauwkeurige aantekeningen van de fokresultaten
en probeerden zo zuiver mogelijk, dus zonder kruisingen, te fokken.

Aan het einde van de 19e eeuw werd het importeren van honden uit Newfoundland en Labrador beëindigd. Door twee wetten was het niet meer mogelijk honden uit deze streken te halen, namelijk de quarantainewet die de import van alle zoogdieren naar Engeland verbood en een belastingdecreet omtrent teven uit Newfoundland, zodat fokkers alle geboren teefjes doodden.
Eigenlijk was dit heel goed voor het Labrador-ras, omdat fokkers in Engeland nu wel raszuiver moesten gaan fokken met hun eigen honden.

In 1903 werd de Labrador Retriever door de Engelse Kennel Club erkend, maar toen bestond er nog geen officiële rasstandaard. Gelukkig waren de liefhebbers toen in hoofdzaak geïnteresseerd in de jachteigenschappen van de hond en konden zij volgens eigen inzichten hun fokkerij voortzetten. Aan hen hebben wij de veelzijdige hond die wij tegenwoordig kennen als de Labrador Retriever te danken.

Na onderzoek blijkt dat al in 1860 de eerste Labrador op een tentoonstelling te zien was. Maar zij droegen weinig bij tot het succes op de tentoonstellingen. Voor hen was er maar één ding belangrijk en dat was het apporteervermogen. Om deze kwaliteiten met andere honden te meten begonnen de liefhebbers voor het eerst in 1880 Retrieverwedstrijden te houden. Deze steeds sterker wordende competitie noodzaakte de fokkers zich meer te verdiepen in het verbeteren van de waardevolle eigenschappen van hun honden.Deze gezonde competitie vormde de sterke basis voor de goede werkeigenschappen die we nu in onze honden terugvinden.
 

 

Data belangrijke gebeurtenissen Labrador Retriever

Begin 1800

De eerst St. John's honden kwamen in Engeland, waarvan sommige geïmporteerd werden door de tweede Graaf van Malmesbury naar het landgoed Heron Court in de buurt van Poole

1814

De eerste observaties van de Labrador in Newfoundland door Colonel Peter Hawker in "Instructions to Young Sportsmen…".

1823

Schilder Edward Landseer schilderde een zwarte hond met het bijschrift: "Cora. A Labrador Bitch."

1835

De vijfde Hertog van Buccleuch begon met zijn kennel van de St. John's honden in Schotland.

1839

De vijfde Hertog van Buccleuch schreef een brief waarin hij refereerde naar zijn "Labrador" Moss en ook over de "Labrador" Drake die eigendom was van de tiende Lord Home.

1870

De naam Labrador Retriever wordt als "gewoon" beschouwd in Engeland.

1874

De eerste retrievers in Nederland op hondententoonstellingen van de Hollandsche Maatschappij van Landbouw te Rotterdam.

1882

De derde Graaf van Malmesbury gaf 6 van zijn Labradors aan de zesde Hertog van Buccleuch en de twaalfde Graaf van Home zodat zij konden helpen de voortplanting in stand te houden.
 

1885

Het importeren van honden vanuit Newfoundland naar Engeland werd niet meer mogelijk door de quarantainewet van Engeland en een belastingdecreet van Newfoundland.

1887

Een brief van de derde Graaf van Malmesbury aan de zesde Hertog van Buccleuch waarin hij schreef…"We always call mine Labrador dogs and I have kept the breed as pure as I could from the first I had from Poole…..known by their having a close coat which turns the water off like oil and, above all, a tail like an otter.".

1892

Twee "lever-kleurige" Labrador pups werden geboren in de Buccleuch's Kennel.

1899

De eerste blonde Labrador "Ben of Hyde" geboren in een kennel van Major C.J. Radclyffe.

1903

De Labrador Retriever wordt erkend door de Engelse Kennel Club.

1909

De eerste veldwedstrijd voor Retrievers in Nederland te Zandvoort waaraan tien honden deelnamen.
 

1916

De Labrador Vereniging in Engeland werd opgericht dankzij Lord Knutsford (Munden Kennel), Lady Lorna en Gravin Howe (Banchory Kennel).

1917

De erkenning van de Labrador Retriever door de American Kennel Club.

1931

De Labrador Vereniging in Amerika werd opgericht en de eerste "American Field Trial" voor Labradors werd gehouden in Glenmere Court Estate, Chester, New York.

1933

De eerste Labrador Retrievers op de Amsterdamse Winner tentoonstelling.

1933

Oprichting Nederlandse Retriever Club dankzij Fr. Jurgens, J.W. Wilson en Jonkheer W. Quarles van Ufford.
 

1938

Chocolade-kleurige Labradors kwamen voor in twee Britse Kennels, te weten Tibshelfs en Cookridge.
 

1956

De eerste Labrador Retrievers worden in het Nederlandse Honden Stamboek (NHSB) vermeld.
 

1957

De eerste Labrador Retriever "Billy" die de definitieve Nederlandse Kampioenstitel behaald.

1959

De eerste hond ooit verscheen op een Amerikaanse postzegel, de bekende zwarte Labrador "King Buck".

1964

Oprichting Nederlandse Labrador Vereniging door Jonkheer Th. Röell, Jonkheer W.A.L. Mock en mevrouw A. Sauer-van der Sluis.

 

 

Rasstandaard Labrador Retriever

 

Algemeen beeld:

Sterk gebouwd, kort in lendenen, bijzonder actief, breed in schedel, breed en diep in borst en ribben, breed en sterk in lendenen en achterhand. 

 

Typische raskenmerken:

Goed temperament, erg behendig. Buitengewoon goede neus, zacht in de mond, uitgesproken liefhebber van water. Een toegewijde, zich makkelijk aanpassende metgezel.

 

Temperament:

Intelligent, levendig en gezeglijk, met een sterke wil zijn baas te behagen. Vriendelijk karakter zonder spoor van agressie of ongepaste schuwheid.

 

Hoofd / schedel:

Schedel breed met een duidelijke stop, scherp besneden zonder vlezige wangen. Kaken middelmatig lang, krachtig en niet spits toelopend. Neus breed, neusgaten goed ontwikkeld.

 

Ogen:

Middelmatig groot, met intelligente en vriendelijke uitdrukking, bruin of hazelnootkleurig.

 

Oren:

Niet groot of zwaar, dicht tegen het hoofd aanliggend en vrij ver naar achteren geplaatst.

 

Mond:

Kaken en gebit sterk met een volmaakt, regelmatig en compleet scharend gebit, dat wil zeggen dat de bovenste tanden net over de onderste tanden heen vallen en recht in de kaak staan.

 

Hals:

Droog, sterk, krachtig, geplaatst op goedliggende schouders.

 

Voorhand:

Schouders lang en schuinliggend. Voorbenen voorzien van stevige botten en recht van de elleboog tot de grond, zowel van voren als van opzij bezien.

 

Lichaam:

Borstkas van goede breedte en diepte, met goed gewelfde, tonvormige ribben. Horizontale bovenbelijning. Lendenen breed, kort en sterk.

 

Achterhand:

Goed ontwikkeld, niet naar de staart aflopend, goed gehoekte knie. Laag geplaatste hakken, koehakkigheid hoogst ongewenst.

 

Voeten:

Rond, compact, goed gebogen tenen en goed ontwikkelde voetzolen.

 

Staart:

Kenmerkend voor het ras, erg dik bij de aanzet en geleidelijk toelopend naar de punt, van middelmatige lengte, vrij van bevedering, maar rondom dik bekleed met een korte, dikke, dichte vacht, waardoor de ronde vorm ontstaat die beschreven wordt als ‘otterstaart’. Mag vrolijk gedragen worden, maar mag niet over de rug krullen.

 

Gang / beweging:

Vrij, voldoende bodem beslaand, recht en zuiver zowel voor als achter.

 

Vacht:

Kenmerkend voor het ras, kort, dicht, zonder golven of bevedering, vrij hard aanvoelend, weerbestendige ondervacht.

 

Kleur:

Geheel zwart, geel of lever/chocoladekleurig. De gele kleur kan variëren van licht roomkleurig tot vossenrood. Kleine witte vlek op de borst is toegestaan.

 

Hoogte:

Ideale schofthoogte reuen 56-57 cm, teven 54-56 cm.

 

Fouten:

Iedere afwijking van de hierboven vermelde punten moet als fout worden aangemerkt, de mate waarin moet in verhouding tot de ernst van de fout staan.